Eigenaarschap vergroot bereidheid tot leren

Eigenaarschap vergroot bereidheid tot leren
eigenaarschap bevorderen bij zorgmedewerkers

De afgelopen decennia mochten medewerkers in de zorg maar beperkt meedenken over de inhoud en de kwaliteit van hun werk. Productiedraaien. Daar ging het vooral om. Gelukkig is er met de introductie van ‘waardigheid en trots’ en het daarbij behorende kwaliteitskader een omslag gekomen. Medewerkers worden o.a. gestimuleerd mee te denken over wat zij en hoe zij willen leren. Eigenaarschap mag én moet weer. Eigenaarschap is noodzakelijk voor duurzame gedragsverandering (Dewulf, 2003).

Ik heb, in het kader van de masteropleiding onderwijskunde, bij een zorgorganisatie in Noord Holland onderzoek verricht naar leerprincipes en leerinterventies die het eigenaarschap van zorgmedewerkers kunnen vergroten. In dit blog en de twee volgende blogs schrijf ik hier over.

Samen leren en verbeteren

De zorg is op dit moment (weer) uitgebreid in het nieuws. In 2015 heeft de Tweede Kamer een rapport gepresenteerd waarin zij maatregelen beschrijft om de zorg in verpleeghuizen te verbeteren. Dit rapport heeft de titel ‘Waardigheid en Trots’ gekregen. Met dit rapport is een geldbedrag beschikbaar gesteld waarmee de verpleeghuiszorg verbeterd kan worden.

De komende jaren zijn o.a. ruim 100.000 nieuwe medewerkers nodig en daarbij moet worden voorkomen dat de huidige medewerkers vertrekken. Minister Hugo de Jonge van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is bezig met het verder ontwikkelen van plannen om de zorg te verbeteren, instroom van personeel te vergroten en uitstroom te verkleinen. Voor de verpleeghuiszorg zijn de plannen hiervoor vastgelegd in het ‘kwaliteitskader verpleeghuiszorg’ (Zorginstituut Nederland, 2017). De ondertitel van dit kwaliteitskader is ‘samen leren en verbeteren’. In het kwaliteitskader worden vier thema’s beschreven:

  • persoonsgerichte zorg en ondersteuning
  • wonen en welzijn
  • veiligheid
  • leren en verbeteren van kwaliteit

Vanuit het kwaliteitskader worden zorgorganisaties verplicht om zich aantoonbaar bezig te houden met leren en ontwikkelen. Elke zorgorganisatie moet een kwaliteitsplan opstellen waarin leren één van de speerpunten is. Daarnaast moet elke zorgorganisatie zich aansluiten bij een leernetwerk met andere zorgorganisaties in de regio.

Eigenaarschap vergroten

Eén van de methoden die genoemd wordt in het kwaliteitskader om leren te bevorderen is het vergroten van het eigenaarschap van de medewerkers in de verpleeghuiszorg. Op de website van waardigheid en trots (Waardigheid en Trots, 2018) wordt het begrip eigenaarschap toegelicht vanuit het perspectief van zorgverleners; ‘om te zorgen dat zorgmedewerkers zich eigenaar voelen is het belangrijk dat zij verantwoordelijkheid nemen en zich verantwoorden. Een medewerker die zich eigenaar voelt is bereid om te leren, houdt zich op de hoogte van ontwikkelingen in zijn vak en voelt zich betrokken bij de organisatie’.

Veel zorgorganisaties zijn inmiddels druk bezig om de mogelijkheid tot leren (in het werk) te vergroten. Hiervoor is eigenaarschap en een leercultuur noodzakelijk. In mijn volgende blog die over twee weken verschijnt ga ik hier verder op in.

Wil je in jouw zorgorganisatie ook een leercultuur ontwikkelen?

Maak een afspraak voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek. Samen kunnen we bespreken hoe ik jouw organisatie kan ondersteunen bij het ontwikkelen van een leercultuur.

Een leercultuur is de voorwaarde om te zorgen dat medewerkers blijvend leren en zich ontwikkelen. In een lerende organisatie zijn medewerkers geïnteresseerd in leren en leren zij van en met elkaar. Medewerkers zijn zelf verantwoordelijk voor wat zij leren en hoe zij leren. Het is belangrijk dat medewerkers inzien dat leren een noodzakelijk en bovenal leuk onderdeel van een professionele werkhouding is. Medewerkers moeten de tijd en de ruimte krijgen om zich te ontwikkelen. Dat kan bij een opleiding of cursus, maar ook gewoon op de werkvloer.

Ik ben te bereiken via: Mail: post@wietekederoos.nl  Telefoon: 06-49770642 Linkedin: www.linkedin.com/in/wietekederoos

Bibliografie

(2018, maart 24). Opgehaald van Waardigheid en Trots: https://www.waardigheidentrots.nl/praktijk/eigenaarschap/

Boersma, S., & Laat, M. d. (2016). Informeel leren in netwerken. Van organisatieontwikkeling naar leren in landschappen. In J. Schenning, R.-J. Simons, & T. Besieux, Mensenorganisaties: 24 evoluties onder de loep (pp. 227-239). Zaltbommel: Thema.

Bollen, K., & Gerken, M. (2016). Wat brengt mensen echt in beweging? Van opleidingen naar werkplekleren. In J. Schenning, R.-J. Simons, & T. Besieux, Mensenorganisaties: 24 evoluties onder de loep (pp. 341-355). Zaltbommel: Thema.

Deen, E., Rondeel, M., & Kessels, J. (2017). Opleidingskunde. Leren in het werk, rond het werk, voor het werk. Alphen aan de Rijn: Vakmedianet.

Deprez, J. (2016). Intrapreneurschap. Van passieve uitvoerder naar ondernemende medewerker. In J. Schenning, R. J. Simons, & T. Besieux, Mensenorganisaties: 24 evoluties onder de loep (pp. 281-293). Zaltbommel: Thema.

Dewulf, L. (2003). Gras groeit niet door er aan te trekken. Opleiding & Ontwikkeling. 16, nr. 5.

Hart, W., & Buiting, M. (2012). Verdraaide organisaties. Deventer: Vakmedianet.

Hell-Cromwijk, M. v., Hoekstra, T., Holwerda, T., & Cusveller, B. (2014). Naar verpleegkundig eigenaarschap van kwaliteit. Kwaliteit in zorg, 24-26.

Kessels, J. (2018). Leren in het werk in de zorg: een lange weg naar vakbekwaamheid en de ontwikkeling van een eigen identiteit. O&G, 20-22.

Reenen, C. v., & Poell, R. (2016). De leercultuur ontwikkelen; de nieuwe focus van de HRD'er. In J. Schenning, R.-J. Simons, & T. Besieux, Mensenorganisaties: 24 evoluties onder de loep (pp. 387- 400). Zaltbommel: Thema.

Ruijters, M. C. (2017). Liefde voor leren. Over diversiteit van leren en ontwikkelen in en van organisaties. Deventer: Vakmedianet.

Ruijters, M., & Simons, R.-J. (2015). Canon van het leren. 50 concepten en hun grondleggers. Deventer: Vakmedianet.

Schennig, J., & Gerrits, T. B. (2016). Autonomie in het werk. Van individuele controle naar teamempowerment. In J. Schenning, R.-J. Simons, & T. Besieux, Mensenorganisaties: 24 evoluties onder de loep (pp. 245-260). Zaltbommel: Thema.

Schenning, J., Simons, R.-J., & Besieux, T. (2016). Mensenorganisaties: 24 evoluties onder de loep. Weet wat er speelt bij strategisch HRD. Zaltbommel: Thema.

Velde, M. v., Jansen, P., & Dikkers, J. (2016). Praktijkgericht onderzoek. Opzetten, uitvoeren, analyseren en rapporteren. Hilversum: Concept uitgeefgroep.

Wingerden, J. v. (2016). Werken aan bevlogenheid in organisaties. Van meten van medewerkertevredenheid naar stimuleren tot bevlogenheid. In J. Schenning, R.-J. Simons, & T. Besieux, Mensenorganisaties: 24 evoluties onder de loep. Weet wat er speelt bij strategisch HRD. (pp. 17-29). Zaltbommel: Thema.

Zorginstituut Nederland. (2017). Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. Samen leren en verbeteren.

Creëren van een hybride leeromgeving

Creeren van een hybride leeromgeving

In de huidige MBO zorgopleidingen missen veel zorgorganisaties en leerlingen een koppeling tussen theorie en praktijk. Een manier om theorie en praktijk meer te verweven is door middel van het werken met een hybride leeromgeving. In deze blog geef ik tips om in de zorg een hybride leeromgeving te creëren.

Wat is een hybride leeromgeving?  In een hybride leeromgeving worden schoolse leerprocessen verweven met de beroepspraktijk. In een hybride leeromgeving spreekt men van een omgekeerde leerweg. ‘Niet het onderwijsproces maar het beroepsproces vormt de ruggengraat van het leerproces’ (Zitter, Hoeve, & Aalsma, 2016) Het is hierbij belangrijk dat dit ook kan in de werkomgeving. Er moet voldoende ruimte zijn om de leerlingen te begeleiden en feedback te geven.

Onderstaande adviezen zijn gebaseerd op de informatie uit het rapport van Zitter (Zitter, Hoeve, & Aalsma, 2016) en vertaald naar de beroepspraktijk van volwassen leerlingen in de zorg.

Om de knelpunten uit de huidige opleidingen op te lossen is, naar mijn mening, een aantal veranderingen noodzakelijk;

  • De huidige opleiding is, met name doordat deze is opgebouwd volgens de structuur van het kwalificatiedossier, erg versnipperd. Mede daardoor bevat de opleiding verschillende overlappende/ herhalende onderwerpen en opdrachten. Dit kan veranderd worden door de benaming van de werkprocessen uit het kwalificatiedossier los te laten en te gaan werken met modules. Leerlingen krijgen hierdoor meer overzicht en minder overlap tussen de verschillende modules.
  • Koppel de modules aan ziektebeelden/ cliëntengroepen en niet aan de onderwerpen uit het kwalificatiedossier. Hierdoor heeft een leerling meteen meer het idee dat de opleiding over haar werkpraktijk gaat. Verwerk de thema’s uit het kwalificatiedossier in de modules.
  • De modules moeten per module bestaan uit praktijk, vaktheorie, skillslab en (praktijk)toetsing.
  • Het klinisch redeneren moet een centraal thema zijn in elke module. Klinisch redeneren is een belangrijke vaardigheid voor verpleegkundigen en verzorgenden.Hiermee wordt meteen ook de aandacht voor het vak anatomie/fysiologie/pathologie vergroot. Ik spreek regelmatig leerlingen én begeleiders die (diepgang bij) dit vak missen in de huidige opleidingen.
  • Biedt ruimte voor flexibilisering en gedifferentieerd lesgeven. Hiermee kan voorkomen worden dat sommige leerlingen op de tenen lopen en andere zich vervelen. Geef de leerling de keuze welke onderwerpen de nadruk krijgen op basis van kennis en ervaring. Geef de leerlingen ook de keuze uit een aantal huiswerkopdrachten, waardoor zij die opdrachten kunnen kiezen die voor hen de meeste waarde hebben.
  • Werk volgens de methode van ‘team- based- learning’. (Roos, 2017) Geef de leerlingen elke week een gecombineerde theorie-praktijkopdracht. Tijdens de volgende lesdag bespreken zij met hun eigen ‘leerteam’ de uitwerking van deze opdracht. De ‘leerteams’ kunnen elkaar feedback geven en leren van elkaars ervaringen. Hierdoor ontstaat een betere aansluiting met de eigen praktijk en het  bevordert de reflectieve dialoog.
  • Werk volgens de methode ‘flipping the classroom’. Hierdoor is in de les minder tijd nodig voor (herhaling van) theorie en is er meer ruimte om de leerlingen feedback te geven naar aanleiding van vragen en praktijkopdrachten.
  • Overweeg de mogelijkheid om leerlingen stage te laten lopen op verschillende afdelingen (ook in de wijk) met verschillende complexe cliëntengroepen. 
  • Laat de docent functioneren als hitteschild tegen de ‘ruis van boven’. Both schrijft hierover in zijn boek ‘onderwijs vraagt leiderschap!’ (Both & Bruijn de, 2013) Eén van de beschrijvingen die Both geeft over een hitteschild zijn is ‘zorgen dat het volk niet van de leg raakt’. Ik zie dit ook als een belangrijke taak van de docent. Er is in de zorg veel onrust. Deze onrust belemmert de leerling om goed te kunnen studeren. Als de docent meer tijd krijgt om de leerling te begeleiden en feedback te geven kan zij dienen als hitteschild en daarmee voorkomen dat de leerling ‘van de leg raakt’.

Ontwerpen van leerinterventies

De zorg is een vakgebied dat altijd in beweging is. Telkens komen er nieuwe leervragen naar voren. Dat kunnen leervragen zijn voor het gehele team of voor een individuele medewerker. Ik ontwerp in nauwe samenwerking met de zorgorganisatie passende leerinterventies. Dit kan een opleiding, training of cursus zijn. Soms is een coachingstraject of een reeks intervisiebijeenkomsten een meer passende oplossing voor de leervraag.

Voor verzorgenden heb ik een 4 daagse module 'klinisch redeneren' ontworpen. Deze cursus kan ik ook verzorgen voor jouw zorgorganisatie.

Ontwerpen van leerinterventies kost veel tijd. De Roos L&D neemt werk uit handen.

Bij het ontwerpen van leerinterventies doorloop ik vier stappen. Hierdoor ontstaat een leerinterventie die past bij de organisatie en de wensen van de medewerkers.

Mogelijkheden bespreken?

Bel of mail mij voor een gratis en vrijblijvend kennismakingsgesprek. Samen kunnen we bespreken hoe ik jouw organisatie kan ondersteunen bij het ontwikkelen, organiseren en coördineren van leerinterventies.

Ik ben te bereiken via:
Mail: post@wietekederoos.nl
Telefoon: 06-49770642

 

 

Bibliografie

Both, D., & Bruijn de, A. (2013). Onderwijs vraagt leiderschap! Schiedam: Scriptum.

Meindersma, J. K. (2011). Beelden op flexibel onderwijs. Vier jaar verder, van optimisme naar realisme. Zoetermeer: Stichting Kennisnet.

Onderwijsinspectie. (2018, januari 15). Opgehaald van https://www.onderwijsinspectie.nl/

Roos, W. v.-d. (2017). Team Based Learning versterkt een lerende organisatie. Amsterdam.

SBB kwalificatiedossiers. (2018, januari 15). Opgehaald van https://www.s-bb.nl/onderwijs/kwalificeren-en-examineren/kwalificatiedossiers

SBB-Crebo. (2018, Januari 15). Opgehaald van https://www.s-bb.nl/onderwijs/kwalificeren-en-examineren/overzichten-rondom-kwalificeren-en-examineren/crebo

Senge, P., Cambron-McCabe, N., Lucas, T., Smith, B., Dutton, J., & Kleiner, A. (2008). Lerende scholen. Den Haag: Academic Service.

Zitter, I., Hoeve, A., & Aalsma, E. (2016). Van losse ingrediënten naar smakelijk gerecht. Een ontwerpgericht onderzoek naar een hybride leeromgeving in het horecaonderwijs. 's Hertogenbosch: ECBO.